Mijn tienerjaren

De eerste 2 jaar ging ik naar het reguliere secundair onderwijs, maar dat bleek niet iets voor mij.

Waarom het niet echt iets voor mij bleek te zijn? Om een voorbeeld te geven: ik zat tijdens de examenperiodes in de namiddag op school om te studeren terwijl mijn ouders fulltime werkten. Uiteraard vond ik die studie veel te lang en maar niks. En nu verklap ik een geheimpje dat mijn ouders nog niet weten ;-), die namiddagen had ik dus veel tijd om plattegronden van huizen te tekenen en amper tot niet te studeren. Die bezigheid bleek dus later een voorliefde voor architectuur te zijn. Als ik daarna thuis kwam, begon ik dus veel te laat te leren.

Mijn ouders zagen dit gelukkig ook zo. Elke dag achter die boeken zitten, terwijl ik liever zat te tekenen, bracht hen op het idee om mij naar het kunstonderwijs te sturen.

De wereld ging voor mij open: een school met beperkte regeltjes, leerlingen die zich expressief uitdrukten met hun kledingkeuze, een mengelmoes van persoonlijkheden… ik begon mijn conservatieve opvoeding een beetje te lossen en mezelf te ontdekken.

Op deze school begonnen mijn eerste vermoeidheidsklachten. Dit resulteerde in, tijdens de les geschiedenis, in slaap vallen. Ook zat ik, op die vrije school, maar met drie andere leerlingen in de les godsdienst. We zaten dus heel dicht bij de leerkracht en om me daar wakker te houden nam ik kleine kleurpotloodjes mee, die ik dan op alle mogelijke manieren in patronen zat te leggen.

Ondertussen kon ik me ook uitdrukken met mijn hobby’s. Op mijn 5 de startte ik met de scouts, een jaartje eerder dan de rest. Ik ging ook vroeg naar de tekenschool waar ik elke keer van genoot. De muziekschool bleek niets voor mij te zijn, dus mocht ik dictie volgen. Dat vond ik zalig! Daarna volgde drama en voordracht en als kers op de taart toneel, waar ik bewust bleef zitten om een jaar extra te kunnen doen.

Jammer genoeg bleek ik, ook op de kunsthumaniora, niet hard genoeg mijn best te doen en waren ook daar mijn punten voor de algemene vakken niet zo goed. Op deze school waren er in die tijd geen zorgleerkrachten dus zat ik meer in dromenland dan te streven naar goede resultaten.

Ik verhuisde naar een meer striktere school waar ze verschillende creatieve richtingen hadden en ik ‘vrije beeldende kunsten’ volgde. 

De vrijheid, maar ook de structuur, maakte er uiteindelijk een zalige schooltijd van en ideaal om mee af te sluiten. Aangezien ik interieurarchitectuur zelf te hoog gegrepen vond, motiveerde het me wel om interieurvormgeving te gaan volgen aan de hogeschool.

Plaats een reactie

About M

I’m Jane, the creator and author behind this blog. I’m a minimalist and simple living enthusiast who has dedicated her life to living with less and finding joy in the simple things.

Recente artikelen